Spijt van je niet geleefde leven

Misschien herken je het: je besteedt tijd aan het nadenken over hoe het zou zijn geweest als …. Als je wel je best had gedaan op de middelbare school. Als je niet die woorden had uitgesproken die verstrekkende gevolgen hadden. Als je wel je gevoelens had uitgesproken tegen iemand die belangrijk voor je was. Als je niet heel veel jaren een huis had gehuurd, maar eerder had gekocht. Als je eerder had opengestaan voor de signalen die je lichaam gaf dat er iets aan de hand was. Als je nooit ontslag had genomen. Als je nooit het dure huis had gekocht. Mogelijk kun je de lijst nog aanvullen met andere zaken waar je spijt van hebt. Spijt van een niet geleefd leven door de keuzes die je al dan niet hebt gemaakt. Je zou het willen terugdraaien, maar dan kan niet meer. Je hebt een kans laten liggen. Je hebt een fout gemaakt. Hoe je het ook went of keert, spijt is een negatieve emotie die veel energie kost en nergens toe leidt. In feite kan het een mengeling zijn van zelfverwijt, berouw, schaamte en schuldgevoel. Deze mix van emoties kan gelijktijdig in jouw aanwezig zijn. Spijt kan een enorm ondermijnende emotie zijn, omdat het knagen over iets in het verleden negatieve gevoelens geeft in het heden. En omdat het slecht is voor je zelfvertrouwen. Het kan je zelfs ziek maken. Als je je realiseert dat er geen weg terug is, ontstaat het denken of zelfs piekeren over ‘waarom je nou toch niet’ of ‘hoe het zou zijn geweest als’. Deze acties hebben alleen zin als je begrijpt waar de spijt vandaan komt en hoe jij een volgende keer spijt kunt voorkomen. Je spijt kan te maken hebben met ondoordachte besluiten of impulsieve acties. Het is daarom zo belangrijk om spijt niet als een gegeven te zien en het te laten, maar actief ermee aan de slag te gaan. Essentieel daarbij is dat je je realiseert dat wat je hebt gedaan of nagelaten, je deed met de kennis en inzichten die je op dat moment had of waarvan je dacht dat deze leidend voor je zouden moeten zijn.  Wil je je gevoelens kunnen loslaten en goed verder kunnen leven, dan is het goed om eerlijk de vraag aan jezelf te stellen hoe je nu zou handelen met de kennis die je nu hebt. Wat zou je doen? Het is daarbij noodzakelijk dat je goed kijkt naar je eigen rol en aandeel. Wat had jij kunnen doen om de bal de goede kant op te laten rollen? Want je kunt er voordeel mee doen als je oprecht daarnaar kijkt. Alleen dan kun je herhaling in de toekomst voorkomen en kun je ervan leren. Je spijt levert dan een positieve bijdrage aan je persoonlijke ontwikkeling. Als je de ander blijft verwijten, lijkt het alsof jou geen blaam treft. Als je goed kijkt, zul je zien dat ook jij een aandeel hebt. Blijf je de ander verwijten maken, dan is er een grote kans dat je opnieuw een vergelijkbare vergissing maakt. Zo is het leven. Daarnaast geeft het je inzicht hoe je spijt kunt voorkomen. Het betekent dat je ervan leert, dat je ingrijpende besluiten goed overdenkt en nadenkt over welke gevolgen een besluit heeft en dat je welbewust alle gevolgen accepteert. Het vraagt soms wel dat je andere mensen betrekt in je besluit, door hen te vragen met je in kaart te brengen welke gevolgen een besluit heeft. Zo voorkom je dat je bepaalde gevolgen niet over het hoofd ziet. Je neemt weloverwogen je besluiten en je neemt alle consequenties die erbij (gaan) horen voor lief. Belangrijk aandachtspunt is dat als je een twijfel voelt, hoe licht ook, je deze altijd toelaat. Neem de twijfel bijzonder serieus, ook al kun je hem rationeel niet onderbouwen. Hij komt ergens vandaan en heeft een boodschap voor je!   Dit betekent dat als je in het heden voor zaken komt te staan en je twijfelt en er is tijdsdruk in het spel, een ‘nee’ meestal de verstandigste keuze is. Om spijt te kunnen loslaten, kan het nodig zijn een ander (en jezelf) te vergeven. Dit vraagt openlijk en duidelijk spijt betuigen. Het is nodig om verder te kunnen, maar niet gemakkelijk, omdat je vanbinnen zult voelen dat je zelf bijvoorbeeld ook gekwetst bent, dat niet alleen jijzelf een bijdrage hebt geleverd aan hetgeen wat verkeerd is gegaan. Maar dat is om zelf verder te komen niet zo interessant: jij hebt spijt, jij hebt er last van en jij onderneemt actie. Spijt gaat over het verleden. Het verleden is niet te veranderen. Een worsteling over het verleden verandert het verleden niet, maar beïnvloedt wel het heden. Realiseer je dat het verleden je heeft gevormd tot wie je nu bent. Trek je conclusies en formuleer je lessen die je hebt geleerd en benut ze . Door je geleerde lessen toe te passen weet je een ding zeker en dat is dat je waarschijnlijk met minder spijt te kampen hebt dan in het verleden!

 

Leef je je leven?

Je bent geboren met eigen behoeften, kwaliteiten, vaardigheden en opvattingen over wat belangrijk is in het leven. Wil je het gevoel hebben dat je echt je eigen leven kunt leven, een leven dat bij jou past, dan is het belangrijk dat de dingen die je doet hierop aansluiten. Dan is het wezenlijk dat je in een omgeving verkeert die ondersteunt wie je bent en wat je nodig hebt. Alhoewel dit belangrijke ‘voorwaarden’ zijn om een leven te leiden dat bij je past, is dit niet hoe het in werkelijkheid hoeft te zijn. De vraag is dan of je weet wat jouw belangrijke basale behoeften zijn. Of je zicht hebt op wat voor jou echt belangrijk is in je leven. Als je dat niet weet, loop je de kans dat je te weinig bewust en doelgericht in het leven staat. Jouw basisbehoeften kunnen over verschillende zaken gaan. Je zaakjes op orde hebben, zoals een inkomen, een huis , een vaste vriendenkring hebben. Je lichamelijke welbevinden. Je geborgen en veilig voelen. Je gezien en gewaardeerd voelen. Je kunnen ontwikkelen; nieuwe dingen leren. Wat de top drie van jouw basisbehoeften is, hangt af van welke eigenschappen je bij je geboorte meekreeg en welke levenservaring je hebt opgedaan. Inzicht in je basisbehoeften is nodig om te voorkomen dat je je richt op zaken die jou niet vervullen. Met of je je leven leeft heeft ook te maken dat je je ideeën kunt delen en vormgeven in de omgeving waarin je verkeert. Kun je je ei kwijt, is er interesse? Dit is belangrijk omdat het je laat ervaren dat je ertoe doet. Kun je keuzes maken die bij je passen, die bij je waarden, je levensvisie en je kwaliteiten aansluiten? Als je dat kunt, dan heb je het gevoel dat je regie hebt over je leven, dat niet een ander maar jijzelf aan het roer staat. Onderzoek of het leven wat je leeft het leven is wat bij je past. Weet wat jou doet bloeien, wat je demotiveert, wat je behoeften en kwaliteiten zijn. Dan ben je in staat om meer sturing te geven aan je leven. Natuurlijk kun je niet altijd een leven leiden wat 100% passend is; dat is alleen in dromenland. Maar als je bijvoorbeeld langere tijd negatieve stress ervaart, als je tobt met slapeloosheid, gevoelens van zinloosheid, dan zijn dat signalen van disbalans en is er werk aan de winkel!

Jezelf zijn en blijven

Er zijn twee essentiële basisbehoeften die in je dagelijkse leven met elkaar in conflict kunnen zijn. Je behoefte om jezelf te kunnen zijn, om te accepteren wie je bent, om te doen wat bij je past. En de behoefte om deel uit te maken van een groep, de behoefte om ergens onderdeel van te zijn. Voldoen aan de behoefte bij een groep te willen horen, kan veel energie en inzet van je vragen. Je aanpassen om niet uit de boot te vallen is gedrag dat je mogelijk bij je zelf of een ander herkent. Je doet en laat zaken om er in te passen, om geen overlast te bezorgen, om niet op te vallen. Je houdt je mond dicht, terwijl er dingen worden gezegd waar je het jouwe van denkt. Je zegt niks, terwijl er gemene dingen over een ander worden gezegd die voor geen meter kloppen. Misschien herken je het jezelf aanpassen, het perfect willen doen en het ‘pleasen’. Dit alles om je onderdeel te voelen van een groep, een geheel. Een groep kan je veel bieden: inspiratie, gezelschap, hulp, gevoel van erbij horen en veiligheid. Het kan ook zijn dat je voelt dat je te veel inlevert van jezelf om erbij te mogen of kunnen horen. Je wordt doodmoe om iemand anders te zijn dan je bent. Als je niet jezelf kunt zijn in een groep, dan eist dat zijn tol: je wordt eenzaam en je kunt zelfs een depressie, verslaving of angsten ontwikkelen. Je zit dan op een heilloze weg en je aanpassingsvermogen – dat een kracht is – gaat tegen je werken en schaadt jezelf. Het is de vraag of uit de groep stappen op welke manier dan ook de juiste oplossing is. De uitdaging is om jezelf te zijn in de groep. Het is een kunst om alleen te staan in een beslissing die voor jou goed is/voelt en die door anderen veroordeeld wordt. Voor jouw keuze blijven staan met de kans op afwijzing, kritiek is niet niks. Het vraagt kwetsbaarheid en moed. Het kan en vraagt een keuze om bewust een aantal principes te leren leven. Praktiseer de gedachte dat je verbonden bent met iedereen, ook met de ander die ver weg van je staat, met wie je veel moeite hebt, die jou pijn heeft gedaan. Dit vraagt dat je blij bent voor en met de ander. Dit vraagt dat je mee kunt lijden met de ander die pijn of verdriet heeft. Dat je je realiseert dat zijn/haar pijn de jouwe is. Het vraagt dat je je inzet om de verbinding met de ander te zoeken, de overeenkomsten te blijven zien, ook al heeft de ander ideeën, gedragingen die niet aansluiten bij die van jou. Je voorkomt bewust het wij/zij-denken in je zelf en in relatie tot de ander. Het daagt je uit genuanceerd te blijven luisteren en reageren naar de ander. Sta open voor de gedachte dat er verschillende perspectieven zijn en dat die naast elkaar kunnen en mogen bestaan. Wees nieuwsgierig naar de ander die ergens totaal anders over denkt dan jij en wees oprecht belangstellend. Vraag de ander om er meer over te vertellen en haak er niet meteen op in als blijkt dat meningen op halve waarheden of feiten zijn gebaseerd. Jezelf blijven en de verbinding houden met de ander vraagt om niet de competitie met de ander aan te gaan en de ander schaamte of gezichtsverlies te besparen. Het is mogelijk om jezelf te zijn en je verbonden te voelen met de ander die zo anders is: je staat voor wie je bent of wat je vindt en je bent open en ontvankelijk voor de ander die anders denkt en doet.

Zelfkennis

Je wordt gevormd door je karaktereigenschappen,genetische factoren, je sociale omgeving en door je bewuste en onbewuste ervaringen die zowel positief als negatief kunnen zijn. Deze tezamen bepalen in belangrijke mate wie je bent en wat je houding en gedrag is. Jezelf goed kennen is een belangrijk hulpmiddel om evenwichtiger in het leven te staan. Jezelf leren kennen is een levenslang proces. Ook al denk je te weten wie je bent, je kunt jezelf keer op keer verrassen. En dat is maar goed ook. Zelfkennis maakt dat je je eigen reacties beter kunt begrijpen en dat je in staat bent om de reactie van een ander op jou sneller te kunnen duiden. Als je jezelf kent, kun je snellere en betere beslissingen nemen, omdat je weet wat bij je past. Het zorgt ervoor dat je minder verkeerde keuzes maakt. Je laat je minder beïnvloeden door wat de ander wil en vindt. Ook is het eenvoudiger om jezelf te beheersen. Als je jezelf kent, word je toleranter naar een ander toe, omdat je je realiseert dat de ander net als jij ook zo zijn zwakheden heeft. Het lijkt zo voor de hand liggend te zijn dat je meer regie hebt over je leven als je weet waar je kracht en je zwakte ligt, als je doorhebt wat jou gelukkig maakt en wat niet,. Het zou voor zich moeten spreken dat je eerlijk bent naar een ander over wat bij en voor jou werkt en wat niet. Toch is het vaak niet zo voor de hand liggend als het klinkt. Want wees eens eerlijk: hoeveel tijd ‘verdoe’ je met het doen van dingen die niet echt bij je passen? Hoeveel energie stop je in dingen of mensen die in feite jouw aandacht niet waard zijn omdat ze geen waarde toevoegen aan je leven? Zelfkennis verwerven en benutten is geen vanzelfsprekendheid. Als je opgroeit, wordt je bewustzijn steeds groter en krijg je door wie je bent, wat de effecten zijn van je gedrag en krijg je meer zicht op wat voor jou werkt. Meer en meer krijg je door dat je invloed op zaken kunt uitoefenen en dat er door iets te doen of te laten dingen gebeuren in je leven. Je krijgt niet alleen zicht op wie je bent door van een afstandje naar jezelf te kijken. Je hebt ook de waarnemingen en indrukken van de ander nodig om jezelf beter te leren kennen. Zij zien dingen in jou die je mogelijk zelf niet eens door hebt, die je niet ziet omdat je het niet weet. Zij zien je reacties, je eigenschappen en mogelijk zelfs patronen. Zij hebben belangrijke informatie over jou die je goed kunt benutten om inzicht te verwerven in jezelf waardoor je zelfkennis vergroot kan worden. Als je ervoor openstaat, biedt elke ontmoeting je een uitgelezen kans om jezelf beter te leren kennen. Daarvoor is er wel werk aan de winkel. Vraag de ander eens hoe hij/zij jou ervaart, hoe hij/zij jou ziet, wat hem/haar opvalt in het onderlinge contact, wat hij/zij kenmerkend vindt aan jouw manier van doen. Vraag eens of de ander tips voor je heeft. En vraag door als je die tips niet zo goed begrijpt. Je lichaam is ook een belangrijk middel om meer informatie over jezelf te krijgen. Wat ervaar je in het contact met de ander. Hoe reageer je non-verbaal: vind je het contact aangenaam, is het rustgevend of raak je juist geïrriteerd. En wat zeggen al deze lijfelijke signalen over wie jij bent? Het is mooi om meer inzichten op te doen over jezelf en rijker te worden aan zelfkennis. Zorg ervoor dat je je niet met je zelfkennis identificeert. Het laat zien hoe het nu is, maar realiseer je dat overtuigingen, voorkeuren en gevoeligheden door de tijd heen kunnen veranderen en een andere kleur aan je kunnen geven.

‘Familieregels’

Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg. ‘Noblesse oblige’. Wie het kleine niet eert, is het grote niet weerd. Eigen haard is goud waard. Geld moet rollen. Als kind krijg je tijdens het opgroeien overtuigingen, waarden en normen mee. Deze kunnen heel bewust aan je worden overgedragen, maar ook onbewust en zelfs woordeloos. Ze vormen je en bepalen voor een belangrijk deel hoe je je ontwikkelt. Ze beïnvloeden je keuzes en zonder dat je je het misschien bewust bent, geef je ze ook weer door aan jouw kinderen. Je familiewaarden en overtuigingen kunnen je een stevig anker, fundament geven waaraan je je kunt vasthouden, waar je op kunt terugvallen. Het kan echter ook zijn dat je in de loop van je leven merkt dat ze beperkend voor je gaan werken. Ze blokkeren je om te zijn wie je wilt zijn. Je ongeschreven familiewaarden en tradities fungeren voor jou als last, als beknellende ‘wetten’ die voor andere familieleden belangrijk zijn, maar die jou opbreken. Als je opgegroeid bent met de traditie dat ouders het altijd beter weten is het lastig om als kind te merken dat een ouder dingen zegt die je niet vindt kloppen. Als je vader van mening is dat hij en zijn kinderen voor een dubbeltje geboren zijn en dus geen kwartje kunnen worden, heb je een probleem als je voelt dat er meer in je zit en dat deze vaderlijke zienswijze van geen kanten bij je past. Het is lastig om de waarden en normen van je gezin van herkomst los te laten. Ook al ben je al lang en breed volwassen, woon je al jaren op jezelf, ben je financieel onafhankelijk en heb je zelf kinderen, zelfs dan nog kun je rekening houden met de (vermeende) verlangens, verwachtingen en behoeften van je ouders. Dit is niet zo vreemd, omdat je als (klein) kind totaal afhankelijk bent geweest van je ouders om te (over)leven. Deze normale, natuurlijke afhankelijkheid heeft voor een onlosmakelijke loyaliteit gezorgd die ertoe leidt dat in belangrijke levenskeuzes (onbewust) de echo van de ‘stem’ van de ouders doorklinkt. De loyaliteit aan je ouders is groot, soms kan deze loyaliteit je in problemen brengen. Je loyaliteit aan de wensen en verlangens van je ouders, ook al ben je al wees, kan botsen met je loyaliteit aan je eigen kinderen, je partner of een passie. Je sterke, soms onbewuste loyaliteit aan het (geestelijke) erfgoed van je ouders kan je eigen levensweg in de weg staan, omdat emigreren betekent dat je het dorp waar je familie al generaties woont moet verlaten en je daarmee een breuk veroorzaakt in de traditie. Je durft geen huis te kopen, omdat er in jouw familie al generaties lang een huis gehuurd wordt, want men is bang voor schulden. Je trouwt met een partner uit dezelfde sociale klasse en met een vergelijkbare religieuze achtergrond, want zo gaat het al van generatie op generatie in de familie. De ‘opdrachten’, boodschappen en verwachtingen kunnen dwingend zijn en kunnen je eigen wensen en verlangens frustreren. Je voelt je onvrij en het lastige is dat het lijkt alsof het niet om de verwachtingen van je ouders gaat, maar om je eigen behoefte en verlangens. Als het je benauwt en als je voelt dat er iets wringt, dat er een last op je schouders rust, dan ben je de (veronderstelde) wens van je ouders aan het vervullen en negeer je je eigen behoeftes. Dit kan je duur komen te staan, omdat het kan leiden tot een identiteitscrisis waarin alles op losse schroeven komt te staan. Loyaal zijn aan je familie, aan de waarden en normen die daar hoog worden gehouden is mooi. Als familie je partner niet accepteert, heftig teleurgesteld is in je opleidings- of beroepskeuze , klaagt over je leef- en woonomstandigheden, terwijl jij jezelf daarin senang voelt, of openlijk afstand neemt van jouw religieuze keuzes, dan is het tijd om te onderzoeken hoe jij je tot de familie wilt verhouden. Hetzelfde is aan de orde als je merkt dat je fundamentele levenskeuzes – bijvoorbeeld uitkomen voor je seksuele of spirituele identiteit – niet durft te maken vanwege de mogelijke reactie van familieleden. Wil je werkelijk volwassen zijn, dan hoort het erbij dat je de familieregels die jou goed doen van harte onderschrijft en afstand neemt van die regels en verwachtingen die niet meer bij jou passen.