Perfectionisme: moderne slavernij

Perfectionisme is een eigenschap die zich nadrukkelijk manifesteert  in onze samenleving. Het kan ervoor zorgen dat je prachtige, mooie zaken realiseert waar je met enige trots naar kunt kijken. Het heeft ook een gevaarlijke schaduwzijde die de aandacht verdient. Iets heel goed of zelfs perfect willen doen, is nauw verbonden met angst. Angst om niet goed genoeg te zijn. Angst om afgewezen te worden. Angst om bekritiseerd te worden. Onder perfectionisme schuilt veelal de angst om te falen. Als deze angst ervoor zorgt dat je buitengewoon veel energie in iets stopt omdat je bang bent om af te gaan, geen succes te boeken, loop je de kans je eigen grenzen te overschrijden. Je gaat maar door om het nog mooier, nog unieker, nog specialer te maken. Grote inzet en toewijding om maar te voorkomen dat …. Als angst je drijfveer is en je stopt er veel tijd en energie in om een (nog) betere versie van jezelf te zijn, dan begeef je je op een heilloze weg. Een weg die geen einde kent en je geestelijk en fysiek uitholt. Want wanneer is het goed, wanneer is het klaar? De perfectionist(e) heeft een tweelingbroer of -zus die altijd paraat is en je graag feedback geeft: de innerlijke criticus. De stem die je vertelt dat het niet goed is, dat de ander niet tevreden zal zijn met het resultaat, dat je er nog een schepje bovenop moet doen. Als je in een prestatiegerichte omgeving bent, zal er niet alleen een innerlijke criticus zijn, maar zijn er ook buiten je zelf voldoende mensen die je aanzetten tot meer, sneller en beter. Als je niet meer met plezier aan iets werkt en je voelt dat (faal)angst je drijft, pas dan op je tellen. Je zit dan niet meer zelf aan het stuur, maar je (irrationele) angsten hebben het heft in handen genomen. En angst is zoals je weet een heel slechte raadgever! Als angst je pusht om beter, mooier of sneller je dingen te doen en als je veel zelfkritiek hebt, dan is het tijd om ‘ho’ te zeggen. Roep je angsten een halt toe. Dit kan een heel proces zijn, zeker als het een ‘gewoon’ onderdeel van je leven is geworden om je angsten te respecteren. Zie onder ogen dat perfectionisme een illusie is. Niets of niemand kan perfect zijn. Als je perfectie nastreeft, streef je een onrealiseerbaar doel na. Wees je dat ten volle bewust. Heb je er wel eens aan gedacht om de betekenis van het woord perfect te veranderen. Perfect is nu gerelateerd aan een bepaald eindresultaat. Je hebt voor ogen hoe dat eruit moet zien. Dat is een beperkte, smalle manier van kijken. Je kunt er ook voor kiezen het woord wat breder te zien en andere aspecten mee te laten bepalen of iets perfect is in jouw ogen. Je kiest ervoor om andere factoren mee te laten wegen dan alleen het einddoel. Als je bijvoorbeeld een maaltijd organiseert, dan kun je deze niet alleen perfect vinden als het eindresultaat er prachtig uitziet en heerlijk smaakt, maar je kunt ook voor jezelf bepalen dat je er niet te veel tijd en geld in wilt stoppen en dat je streeft naar het meest optimale, gegeven de beperktheden waar je mee te dealen hebt. Jij bent niet  wat je doet, wat je creëert, hoe je eruitziet. Er zijn dingen die je doet en er zijn dingen die je bent. Hiertussen zit een wezenlijk verschil. Als jij iets verkeerd hebt gedaan, houdt het in dat jij een fout hebt gemaakt. Niet meer of minder dan dat. Het betekent niet dat jij fout bent of een mislukkeling bent. Wat je doet is niet wie of wat je bent. Wie je in essentie bent, is onveranderlijk, wat je doet is in ontwikkeling en kan veranderen. Bij perfectionisme hoort ook het alles-of–niets-principe. Of het moet helemaal perfect of je doet het niet. Als je het perfect wilt doen, kun je overweldigd worden door de verwachtingen en eisen die je jezelf oplegt, die jezelf creëert. Dit legt een enorme druk op je, waardoor je of enorm veel tijd kwijt bent en andere zaken eronder lijden, of je begint niet aan iets omdat je geen tijd hebt om het perfect te doen.  Betrap jezelf op het alles-of-niets-principe en vraag je naasten om je te helpen uit deze modus te komen. Je krijgt in je leven niet altijd het resultaat waarop je hoopt of waarnaar je toe gewerkt hebt. Je kunt het als een fout bestempelen, dan zet je jezelf in de negatieve modus, wat zinloos en onvruchtbaar is. Als je een fout maakt, werkt dat negatief op je stemming en zelfgevoel, wat zelfreflectie en leren niet bevordert. Als je datgene wat je anders had verwacht bestempelt als een ongewenst resultaat, dan zet je jezelf in de leermodus en houd je energie om te kijken naar wat een andere keer beter kan, wat je ervan kunt leren. Schrap het woord fout uit je woordenboek en ga ervan uit dat een ongewenst resultaat veel informatie bevat waarvan je kunt leren. Perfectionisme kost je uiteindelijk meer dan het je oplevert. Het holt je op de langere termijn uit, omdat het zoveel tijd kost. Zie het als een eigenschap die belastend kan zijn en werk eraan om er vrij van te komen. Dit zal zorgen voor nieuwe energie!

Kies je voorbeeld

Al vanaf zeer jonge leeftijd neem je dingen over van mensen met wie je (veel) omgaat. “Waar je mee omgaat, word je mee besmet”, is in die zin een gegeven. Als je wat ouder bent, ben je meer in staat om te kiezen van wie je iets wilt en kunt leren. Toch maken we daarvan niet altijd optimaal gebruik. Het is niet altijd simpel het leven van alledag te leven. Er komt van alles op je af. Wat is nu het beste om te doen? Je kunt je oor te luisteren leggen bij verschillende mensen. De een zegt dit en een ander legt weer geheel andere accenten. Dit kan voor onzekerheid en verwarring zorgen. Het is de vraag of het verstandig is om een ander zoveel invloed te geven op je leven. Je kunt een of meer rolmodellen kiezen die je bewondert, omdat ze leven op een manier die jou aanspreekt. Ze zeggen dingen die je raken, die aansluiten bij jouw belevingswereld. Ze doen dingen die jou aanspreken en ze inspireren je. Ze laten zien dat je niet bij de pakken hoeft neer te zitten of hoe je uit een vicieuze cirkel blijft of komt. Ze geven je het voorbeeld hoe je eigen keuzes kunt maken en tegen de stroom in kunt roeien. Je kunt aan hun houding en gedrag zien hoe je met zorgen, angsten en onzekerheden kunt omgaan.

Een positief rolmodel kan ervoor zorgen dat je geen willoze meeloper wordt, kan je helpen te bepalen welke eigenschappen je wilt ontwikkelen en kan je laten zien hoe je deze eigenschappen in de praktijk vormgeeft. Het is belangrijk dat je zorgvuldig bent in het uitkiezen van je rolmodel. Het is ‘in’ om mensen te bewonderen die beroemd en welvarend zijn. Zij lijken het te hebben gemaakt en zijn om die reden bewonderenswaardig en navolgenswaardig. Zij fungeren voor veel mensen als rolmodel. Zelfs als deze beroemdheden immoreel gedrag vertonen, wordt dat nog vergoelijkt en worden zij als aardse goden en godinnen vereerd. Ook al volg je hun handel en wandel op de voet en ben je reuze benieuwd naar hun ervaringen en meningen, toch is het de vraag of zij het rolmodel zijn dat je nodig hebt om jouw leven op een goede manier te leiden. Wil je een goed leven leiden, dan is het interessanter om te zoeken naar een rolmodel dat – zonder dat de social media en de camera eraan te pas komen – een gedrag vertoont dat bewondering bij je oproept. Het gaat dan om eigenschappen die voor jou begerenswaardig zijn. Een rolmodel uit je eigen omgeving kan als gids dienen, advies geven en je realistische voorbeelden geven hoe je de beste versie van jezelf wordt. Welke eigenschappen zou je graag willen ontwikkelen? Wie in je naaste omgeving laten deze eigenschappen in de praktijk zien? Zonder poeha, als een natuurlijk gedrag? Deze mensen kunnen waardevolle rolmodellen voor je zijn. Observeer hun houding en gedrag. Wat doen ze, maar misschien nog belangrijker: wat doen ze niet? Zoek contact en probeer tijd met hun door te brengen, zodat je in de dagelijkse praktijk kunt ervaren hoe ze dingen aanpakken en oppakken. Experimenteer met datgene wat je hebt gezien bij je rolmodel. Als je een goed rolmodel kiest, betekent het niet dat je een kopie van deze persoon wilt worden. Een dergelijk streven zal je volstrekt ongelukkig maken. Je bent en blijft jezelf met jouw unieke, goede eigenschappen. Probeer de eigenschappen over te nemen die je in jezelf naar boven wilt halen of wilt verbeteren. En laat de rest van jezelf zoals het is. Goede rolmodellen zijn een hulp om het beste in jezelf naar boven te halen en bewust te werken aan het ontwikkelen van jezelf. Kies een rolmodel dat weet waarvoor het staat, dat zichzelf is en dat jou een goed gevoel over jezelf. Dat past bij jouw morele waarden en overtuigingen. Het is realistischer om iemand te kiezen die zichzelf heeft ontwikkeld door toewijding, hard werken en zelfreflectie. Pas op met het kiezen van een succesvolle persoon als voorbeeld. Iemand die super succesvol is, kan dit naast hard werken ook gerealiseerd hebben door de juiste persoon op het juiste moment te zijn. Er zit ook een dosis geluk bij, ook al zal de persoon in kwestie dat zelf niet altijd zo benoemen. Als je hem/haar als voorbeeld hanteert en jij hebt niet hetzelfde geluk, dan zul je teleurgesteld en misschien zelfs gefrustreerd worden. Overweeg een persoon die makkelijk met anderen omgaat als voorbeeld te nemen. Dat is namelijk meestal een  persoon die goed en duidelijk communiceert, die je goed kunt begrijpen en hij/zij is eenvoudiger te ‘imiteren’. Een goed rolmodel is waardevol voor je eigen ontwikkeling en verdere ontplooiing.

Weten is nog geen doen

Het is wonderlijk hoe lastig het is om je houding en gedrag te veranderen. Je kunt beseffen dat een bepaald gedrag niet goed of misschien zelfs ronduit gevaarlijk voor jezelf en je omgeving is. En toch, ondanks dit besef verander je niks en ga je door met wat je deed. Je past je kennis en inzichten niet toe. Je gaat door tegen beter weten in. Dit aparte fenomeen kan verschillende oorzaken hebben.  Een veronderstelling is dat je onrustig wordt als je iets kan doen maar het niet mag. Door iets wat niet goed is en wat je wel kunt doen toch te doen, maak je een einde aan deze onrust. Het kan ook zijn dat je doodeenvoudig niet weet hoe je ander, nieuw gedrag kunt invoeren. Je bent gewend aan het gebruikelijke gedrag en je weet niet hoe je het andere gedrag kunt beginnen. Je kent doodeenvoudig de eerste stap niet. Zo simpel kan het zijn, je begint er niet aan, want je weet niet hoe het moet en je vraagt geen hulp. Omdat je dat niet gewend bent, omdat je je schaamt voor het niet-weten of omdat je te ijdel bent. Het woord ’moeten’ is voor sommigen een irritant woord: het roept recalcitrantie op. Iets moeten of niet mogen wordt ervaren als een aantasting van de persoonlijke vrijheid, de eigen autonomie. En om te laten zien dat je zelf wel zult uitmaken wat goed en niet goed is, doe je wat niet goed is om te laten zien dat jij je door niemand iets laat gezeggen. Je bevestigt je vrijheid door iets te doen waarvan een ander zegt dat je het niet moet doen. Je persoonlijke autonomie is je dan blijkbaar meer waard dan bijvoorbeeld geliefd zijn, gezond blijven of  je persoonlijke veiligheid. Als er negatieve bewoordingen in een zin voorkomen  , is het mogelijk dat je je daarvoor per ommegaande afsluit.  De afweer en weerstand is groot. De boodschap komt niet aan en dringt niet binnen. Als de ‘niet-boodschap’ omgezet wordt naar een positieve boodschap wat je wel mag of kunt, blijkt dat er meer ontvankelijkheid is en dat er geen verzet wordt gepleegd. Geef je (jezelf) positieve opdrachten met hetzelfde effect als wat je met een negatieve boodschap wilt bereiken, dan zul je merken dat jij zelf en de ander daar echt voor openstaan en hoogstwaarschijnlijk gaan doen of gaan laten wat er bedoeld wordt. Het kan ook zijn dat je een groot ego hebt. Je wilt zelf bepalen wat je doet in je eigen universum en daarin ga je heel ver. Je past niet toe wat je weet, omdat je dan het gevoel hebt dat een ander, een idee of een theorie te veel macht over je krijgt. Je hebt de indruk dat je je te veel aanpast en dat bevalt je niet.  Het kan ook zijn dat je ertegen opziet om iets te veranderen. Je houdt van vaste patronen en je schuwt verandering. Je wilt de controle houden, omdat je de veilige, bekende situatie wilt handhaven. Ook al weet je dat die niet goed is, dat die misschien zelfs negatieve gevolgen met zich meedraagt. Je ego is zo groot dat die elke verandering afwijst die van buitenaf geadviseerd is, omdat het niet uit de eigen koker komt.  Duurzame verandering vraagt discipline, toewijding en geduld. Verandering in je houding, in je gedrag beklijft niet met enkele snelle acties. Het vraagt een bewuste keuze om het anders te willen, om vandaaruit het ook anders te gaan doen. Het anders doen gaat niet vanzelf en vergt soms veel oefening voordat het echt deel van je zelf is geworden. Tussen weten en feitelijk doen ligt dus nog een hele wereld. Wat staat jou in de weg om te doen wat je weet?

Kampioen zwartkijker, meester in het zeurpieten?

Misschien ben je zo iemand die met een scherpzinnige en kritische blik de wereld inkijkt. Je hebt een fijne neus voor wat niet goed gaat, wat niet goed in elkaar zit, wat niet strookt met wat hoort. Grote kans dat er heel wat mensen zijn die in jouw nabijheid onzeker zijn of worden en die het liefst uit je buurt blijven. Ze zijn bang voor jouw kritische blik en mogelijk ook voor de woorden die daarna uit je mond komen. Natuurlijk kan wat je ziet helemaal kloppen, maar misschien valt het je ook op dat wat jij ziet aan negatieve aspecten door een ander helemaal niet wordt gezien of pas veel later of in veel mindere mate dan jijzelf. Misschien ben je wel iemand die door een ander wordt ervaren als een zeurpiet. Je legt in de beleving van een ander op alle slakken zout. Je laat je niet afpoeieren, maar bent vasthoudend in je kritiek op een ander, een organisatie of op het systeem. Je bent een meester in het onder woorden brengen van wat in jouw ogen niet goed gaat. Natuurlijk, goed mogelijk dat je 100% gelijk hebt, maar misschien geeft het te denken als je hoort of zelf merkt dat jouw inbreng als irritant wordt ervaren. Als de ander jou irritant vindt, kun je ervan uitgaan dat die zich afsluit voor je wijze woorden. Als je als zwartkijker of zeurpiet wordt ervaren, heb je grote kans op meer stressreacties, wat slecht is voor je gezondheid. Ook kun je in een isolement terechtkomen, omdat de ander afstand houdt, liever niet met je samenwerkt of niet (meer) met je om wilt gaan. Je hersenen zijn afgestemd op het waarnemen van het onvolmaakte, van het negatieve. Je negativisme is het resultaat van jarenlange, onbewuste ‘training’. Net zoals jarenlange training ervoor gezorgd heeft dat je goed negatieve dingen kunt waarnemen, kun je jezelf ook trainen om je focus te richten op het goede, op het positieve, op het hoopgevende. Je kunt leren je focus te verleggen, wat je veel voordelen oplevert. Het vraagt wel de wil om te veranderen en het vergt discipline. Discipline om doelbewust te zoeken naar het positieve, de kansen, het mooie, het goede. Het vraagt dat je een aantal weken uittrekt waarin je je oefent in het nieuwe kijken en waarnemen. Want hoe intensiever en actiever je je traint, hoe sneller je resultaten zult zien. Herhaling is noodzakelijk als je echt wilt dat het nieuwe kijken een onderdeel van je zelf wordt. Je moet jezelf als het ware herprogrammeren. Eindeloos herhalen zorgt ervoor dat je sneller transformeert. De kunst is om van een oefening een nieuwe gewoonte te maken. Dit kan bijvoorbeeld door te oefenen met positieve of op zijn minst neutrale woorden. Dit kan door je te trainen om altijd te beginnen met positieve feedback en de reactie daarop af te wachten voordat je ’losbarst’ met allerlei negatieve aspecten. Het helpt door je omgeving te vragen je te helpen: wil je mij erop attenderen als ik weer aan het zwartkijken of zeurpieten ben? Kun je mij helpen wat ik anders kan doen om niet in mijn valkuil te stappen? Het mooie is dat je brein je ondersteunt bij het oefenen. Hoe meer je oefent in het positief kijken en het positieve onder woorden brengen, hoe beter je brein erin wordt.

Hulpvaardig

De praktijk laat zien dat de groep mensen die de handen uit de mouwen steekt als de nood aan de man is, stukken kleiner is dan de groep die geen actie onderneemt. Dat is teleurstellend. Mensen zijn minder hulpvaardig dan ze zelf denken. Als er iets onaangenaams of gevaarlijks gebeurt, blijkt dat een deel van de mensen de benen neemt (vluchtgedrag), een deel verstijft en daardoor niet in beweging komt. Dit komt omdat ze in verwarring raken van datgene wat ze zien en horen. Sommige mensen komen daarna tot bezinning en gaan alsnog helpen. Dat kan even duren, omdat ze hersteltijd nodig hebben. Een deel van de mensen komt niet in actie. Zij geven er de voorkeur aan om hun situatie te houden zoals die is. Vragen die ervoor zorgen dat ze gaan uitstellen, spelen dan door hun hoofd: is het wel echt zo erg? Wil die ander wel (door mij) geholpen worden? Enzovoort. Zij zijn er onbewust bezorgd over dat hun persoonlijke (zorgvuldig gekoesterde) ‘evenwicht’ in de war wordt geschopt als zij helpen. Ze zijn bang voor onverwachte negatieve effecten, dat ze zichzelf of de ander beschadigen, dat ze vals van iets beschuldigd worden etc. Men kan ook niet in actie komen omdat degene die in de problemen zit een meester is in het verbergen ervan. Er kunnen dan echt wel signalen zijn, maar de hersenen kunnen er dan voor zorgen dat die gerelativeerd worden, waardoor men niet in actie (hoeft) komen. Het kan ook zijn dat mensen door de zenuwen, stress doodeenvoudig niet weten hoe ze kunnen helpen, wat ze kunnen doen. Ze kijken letterlijk en figuurlijk toe, omdat ze geen idee hebben wat zij kunnen betekenen. Ben jij een toekijker omdat je niet weet wat je kunt doen of bang bent om in je uppie actie te ondernemen, zoek dan een ander op, spreek een ander aan. Twee weten er meer dan een. Je doorbreekt de ogenschijnlijke passiviteit en je activeert door zo’n stap te zetten de oplossingsgerichtheid en hulpvaardigheid in je zelf.